Verdragstekst
Lid 1 De Staten die partij zijn, komen overeen dat het onderwijs aan het kind dient te zijn gericht op:
a. de zo volledig mogelijke ontplooiing van de persoonlijkheid, talenten en geestelijke en lichamelijke vermogens van het kind;
b. het bijbrengen van eerbied voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, en voor de in het Handvest van de Verenigde Naties vastgelegde beginselen;
c. het bijbrengen van eerbied voor de ouders van het kind, voor zijn of haar eigen culturele identiteit, taal en waarden, voor de nationale waarden van het land waar het kind woont, het land waar het is geboren, en voor andere beschavingen dan de zijne of hare;
d. de voorbereiding van het kind op een verantwoord leven in een vrije samenleving, in de geest van begrip, vrede, verdraagzaamheid, gelijkheid van geslachten, en vriendschap tussen alle volken, etnische, nationale en godsdienstige groepen en personen behorend tot de oorspronkelijke bevolking;
e. het bijbrengen van eerbied voor de natuurlijke omgeving.

Lid 2 Geen enkel gedeelte van dit artikel of van artikel 28 mag zo worden uitgelegd dat het de vrijheid aantast van individuele personen en rechtspersonen, onderwijsinstellingen op te richten en daaraan leiding te geven, evenwel altijd met inachtneming van de in het eerste lid van dit artikel vervatte beginselen, en van het vereiste dat het aan die instellingen gegeven onderwijs voldoet aan de door de Staat vastgestelde minimumnormen.

Kern
Het onderwijs aan kinderen moet gericht zijn op de ontplooiing van het kind en kinderen respect bijbrengen voor mensenrechten, vrede en verdraagzaamheid,verschillende culturen en het milieu.

Toelichting
Het kind heeft recht op onderwijs dat is gericht op:

  • de zo volledig mogelijke ontplooiing van het kind
  • het ontwikkelen van talenten, de geestelijke en lichamelijke vermogens van elk kind
  • het voorbereiden van het kind op een actief volwassen leven in een vrije samenleving
  • respect voor kinder- en mensenrechten
  • respect voor de eigen taal, waarden en cultuur en voor andere culturen
  • vrede en verdraagzaamheid
  • gelijkheid tussen de geslachten
  • vriendschap tussen alle volken en groepen
  • eerbied voor natuur en milieu.

Onderwijsdoelstellingen zorgen ervoor dat kinderen dingen leren die ze nodig hebben om als mens prettig te kunnen leven, maar ook om voor andere mensen en de samenleving als geheel nuttig te zijn. Iedereen is vrij om naar eigen inzichten een school op te richten, zoals een islamitische school of een vrijeschool, mits ze voldoen aan bovenstaande beginselen en wettelijke minimumnormen. De regering controleert de kwaliteit van scholen. In het Kinderrechtenverdag staat dat kinderen en jongeren ook les moeten krijgen over hun rechten. Want het is belangrijk dat kinderen weten wat hun rechten zijn, zodat ze voor zichzelf kunnen opkomen als hun rechten worden geschonden. Kinderrechteneducatie is in Nederland nog niet verplicht gesteld door de regering, waardoor dit geen vanzelfsprekendheid is binnen het onderwijs in ons land. Het Kinderrechtencomité heeft Nederland hier al meerdere malen voor op de vingers getikt.

Klik hier voor een uitleg over General Comment nr. 1 over de doelstellingen van het onderwijs.

Meer informatie: