12 december 2012

Op 10 december is het onderzoek naar de toepassing van het Internationaal Verdrag van de Rechten van het Kind (IVRK) in de Nederlandse rechtspraak gepresenteerd aan het ministerie van VWS. Uit het onderzoek blijkt dat de Nederlandse rechter steeds vaker wordt geconfronteerd met een beroep op het IVRK. Het Kinderrechtencollectief is verheugd dat het onderzoek is gedaan en dat het IVRK steeds vaker terug te vinden is in de jurisprudentie. 

De directie Jeugd van het ministerie van VWS heeft het onderzoek De toepassing van het internationaal verdrag inzake de rechten van het kind in de Nederlandse rechtspraak van het Centre for Children’s Rights Amsterdam (CCRA) van de Universiteit van Amsterdam op 10 december in ontvangst genomen.

De Nederlandse rechter wordt steeds vaker geconfronteerd met een beroep op het Internationaal verdrag inzake de Rechten van het Kind (IVRK). De rechter neemt dit Verdrag  steeds serieuzer. Met name in schrijnende gevallen heeft het Verdrag toegevoegde waarde. Dit blijkt uit onderzoek van het Centre for Children’s Rights Amsterdam (CCRA) van de Universiteit van Amsterdam.

Het CCRA heeft in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) onderzoek gedaan naar de toepassing van het IVRK in de Nederlandse rechtspraak. De CCRA-onderzoekers analyseerden ruim 1.000 rechterlijke uitspraken over de periode 1 januari 2002 tot 1 september 2011. Het onderzoek richtte zich op de toepassing van het IVRK door de Nederlandse rechter. Zo komt onder meer de toepassing van het IVRK door de Nederlandse familierechter, kinderrechter, vreemdelingenrechter en strafrechter aan bod.

De onderzoeksresultaten zijn niet alleen relevant voor rechters, advocaten en bestuursorganen, maar ook voor de wetgever. Het onderzoek biedt aanknopingspunten voor een beter begrip van de verschillende toepassingsvormen van het Verdrag. Ondanks een toename in het gebruik van het Verdrag, zijn nog veel advocaten en rechters onvoldoende bekend met de werking hiervan.

Met dit onderzoek heeft het ministerie van VWS gehoor gegeven aan de verplichting om verslag uit te brengen over de vooruitgang die is geboekt ten aanzien van het genot van kinderrechten in Nederland (artikel 44 lid 1 IVRK).

Het Kinderrechtencollectief is verheugd dat het onderzoek is gedaan en dat het IVRK steeds vaker terug te vinden is in de jurisprudentie.

J.H. de Graaf, M.M.C. Limbeek, N.N. Bahadur en N. van der Meij: De toepassing van het internationaal verdrag inzake de rechten van het kind in de Nederlandse rechtspraak.
Ars Aequi 2012, 346 p., €29,50,- ISBN 978-90-6916-987-3.

Meer informatie:
Klik hier om het onderzoek De toepassing van het internationaal verdrag inzake de rechten van het kind in de Nederlandse rechtspraak te downloaden.

Klik hier om het onderzoek in boekvorm te bestellen.