Main content

Extra spreekbeurttips!

Als je je klasgenoten zelf wilt laten nadenken over kinderrechten, kun je met ze in discussie gaan. Bijvoorbeeld op deze manier:

1. Bedenk een stelling

Met een stelling geef je in één zin een mening over een onderwerp. Bijvoorbeeld: kinderen hebben er recht op om te doen wat ze willen.

2. Vraag naar de meningen in de klas 

Schrijf je stelling op het bord en vraag de meningen aan de kinderen in de klas. Wat vinden zij ervan? Een mening kan niet fout zijn. Dat is wel goed om even te zeggen, zodat ze weten dat alles wat ze zeggen goed is. Let op: zorg dat de kort zijn. Waarom? Omdat discussieren pas later komt. Je polst nu alleen even wat de meningen zijn.

3. Geef informatie en vertel wat jij ervan vindt

Nu ga je kort en duidelijk vertellen over het onderwerp. Vertel bijvoorbeeld dat kinderen het recht hebben om hun mening te geven en om in hun vrije tijd te doen wat ze leuk vinden, maar dat ze wel altijd rekening moeten houden met anderen. Probeer je verhaal ook met één of twee voorbeelden te illustreren. Herhaal de stelling en zeg of je het ermee eens of oneens bent.

 4. Ga in discussie met je klasgenoten

Vraag aan je publiek hoe zij er nu over denken. Laat de kinderen in de klas maar reageren. Sommigen zullen nog steeds een andere mening hebben over de stelling. Geef hen maar even de gelegenheid om dat uit te leggen. Misschien kun je een aantal kinderen van jouw mening overtuigen. Of misschien komen jullie met elkaar tot een bepaald standpunt.

5. Samenvatten en afronden

Probeer kort samen te vatten welke verschillende meningen er in de discussie naar voren zijn gebracht over de stelling die jij aan het begin van je spreekbeurt op het bord had geschreven. Bedank tot slot iedereen voor de aandacht en hun bijdrage aan de discussie.

Zo. Jouw spreekbeurt kan niet meer mislukken.

Hier kun je linkjes naar organisaties vinden die spreekbeurtpakketten of andere leuke materialen hebben die je kunt gebruiken.

Veel succes! ☺