Main content

General Comment nr 21: Over straatkinderen

Straatkinderen zijn bijzonder kwetsbaar. Met de komst van General Comment nr. 21 wordt de rechtspositie van straatkinderen versterkt. Zo kunnen zij beter opkomen voor hun rechten. Voor de totstandkoming van dit General Comment zijn straatkinderen uit verschillende landen geïnterviewd. Het VN-Kinderrechtencomité wil met behulp van dit General Comment landen ondersteunen bij de ontwikkeling van strategieën voor kinderen die op straat leven.

Definitie straatkinderen

Het begrip straatkinderen wordt gebruikt voor verschillende groepen kinderen. Hieronder vallen kinderen die van de straat afhankelijk zijn om te kunnen leven, al dan niet samen met lotgenoten of familie. Ook kinderen die zich vaak in openbare ruimtes bevinden en voor wie de straat een cruciale rol speelt in hun dagelijks leven vallen onder dit begrip. Deze laatste groep kinderen leven regelmatig (maar niet altijd) op straat. Of zij leven zelf niet op straat, maar vergezellen hun lotgenoten en familie die wel op straat leven.

 

Kinderrechtengerichte aanpak

Voor de toepassing van dit General Comment is het volgens het Comité essentieel om een kinderrechtengerichte aanpak te hanteren. Dat wil zeggen dat het kind wordt gerespecteerd als houder van rechten. En dat beslissingen vaak samen met het kind worden genomen. Een kinderrechtengerichte aanpak verzekert het respect voor waardigheid, leven, overleving, welzijn, gezondheid, ontwikkeling, participatie en non-discriminatie van het kind. Niet alleen is een kinderrechtengerichte aanpak juridische noodzaak, ook is het de meest duurzame aanpak voor betere beleidsmaatregelen en interventies gericht op straatkinderen.

 

Gebrek aan data

Een zorg van het Comité is dat gegevens over straatkinderen niet systematisch worden verzameld. De schattingen over het aantal kinderen dat op straat leeft, fluctueren sterk. Het is dus niet bekend hoeveel kinderen precies op straat leven. Straatkinderen vallen vaak buiten de boot als het gaat om internationaal kinderrechtenbeleid. Zij zijn onzichtbaar, wat ertoe leidt dat er geen beleid en maatregelen worden ontwikkeld of slechts van tijdelijke aard zijn. Als gevolg hiervan zullen kinderen gedwongen worden om op straat te blijven leven. Zo zullen de schendingen van rechten van straatkinderen door blijven gaan.

 

Participatie van straatkinderen

Straatkinderen zijn experts in het leven op straat. Daarom moeten deze kinderen kunnen participeren in het ontwikkelen en implementeren van strategieën voor straatkinderen. Om dit te kunnen realiseren dienen Staten volgens het Comité eerst informatie te verzamelen over kinderen die in hun land op straat leven. Daarna kunnen zij beslissen hoe de rechten van straatkinderen het beste gehandhaafd kunnen worden. Staten dienen zich er daarbij bewust van te zijn dat straatkinderen niet gestigmatiseerd of beschadigd mogen worden door het verzamelen van informatie.

 

Ontwikkelen van strategieën

Dit General Comment ondersteunt landen bij de ontwikkeling van strategieën voor kinderen die op straat leven. Staten worden door het Comité aangemoedigd om holistische en lange termijn strategieën vast te stellen. Daarbij dienen Staten budget vrij te maken voor kinderen. Staten moeten maatregelen schrappen die – direct of indirect – discrimineren vanwege het feit dat kinderen of hun ouders of familie op straat leven. Ook moeten maatregelen worden afgeschaft die het willekeurig verwijderen van kinderen en hun families van straat of uit de openbare ruimtes mogelijk maken. Staten zijn verplicht om ouders of verzorgers te helpen om de levensomstandigheden die nodig zijn voor de optimale ontwikkeling van het kind te garanderen. Dit alles binnen hun mogelijkheden, financiële capaciteiten en met inachtneming van de zich ontwikkelende vermogens van het kind. Staten dienen daarnaast ook de maatschappij te ondersteunen door gespecialiseerde voorzieningen voor straatkinderen te creëren op basis van een kinderrechtengerichte aanpak.

De strategieën moeten de oorzaken waardoor kinderen gedwongen worden om op straat te leven, aanpakken. Staten moeten er in het bijzonder voor zorgen dat straatkinderen of kinderen die te maken hebben met alternatieve zorg, nazorg krijgen op het moment dat zij 18 jaar worden. Op deze manier wordt voorkomen dat de ondersteuning en zorg abrupt wordt beëindigd. Het Comité benadrukt ook dat Staten dienen te investeren in trainingen over kinderrechten voor professionals die direct of indirect contact hebben met straatkinderen. Staten dienen er ook voor te zorgen dat straatkinderen toegang hebben tot basisvoorzieningen zoals de gezondheidszorg, onderwijs, cultuur, sport en informatie. Straatkinderen die slachtoffer zijn van mensenrechtenschendingen hebben recht op juridische bijstand. Zij moeten toegang hebben tot klachtencommissies, de Kinderombudsman en de rechter.

 

De rechten van straatkinderen

Het General Comment behandelt een breed scala aan problemen met betrekking tot de rechten van straatkinderen. Het Comité benadrukt dat kinderrechten van toepassing zijn op alle kinderen. Kinderen mogen daarbij niet worden gediscrimineerd. Discriminatie is echter een van de grote oorzaken waardoor kinderen op straat belanden. Straatkinderen worden bijvoorbeeld vanwege hun afkomst of status gediscrimineerd. Ook het gebrek aan een identiteitsbewijs heeft een negatieve invloed op de bescherming van de rechten van straatkinderen. Staten dienen er daarom zorg voor te dragen dat alle kinderen van alle leeftijden gratis, eenvoudig en snel hun geboorteregistratie kunnen regelen. Als tijdelijke oplossing dienen Staten informele identiteitskaarten te verstrekken. Hierdoor kunnen straatkinderen toch toegang krijgen tot basisvoorzieningen.

Wanneer straatkinderen geen ouder of verzorger hebben die voor hen zorgt, is de Staat in feite hun verzorger. Straatkinderen die tijdelijk of permanent niet in hun eigen gezin kunnen opgroeien, hebben recht op bijzondere bescherming van de overheid en recht op alternatieve opvang. Het Comité benadrukt dat de VN-Richtlijn voor alternatieve zorg daarbij dient te worden gerespecteerd. Het plaatsen van straatkinderen in een instelling is een uiterste maatregel en dient zo kort als mogelijk te duren. Vrijheidsbeperking in detentie of gesloten instellingen mag bij de aanpak van de situaties waarin straatkinderen verkeren nooit worden gezien als een vorm van bescherming.

 

De scheiding van straatkinderen en hun familie

Veel straatkinderen leven op straat met hun familie of onderhouden contact met familie die op straat leeft. Straatkinderen moeten worden ondersteund om dit contact te blijven onderhouden. Staten mogen kinderen niet van hun familie scheiden alleen vanwege het feit dat hun familie op straat leeft. Armoede mag nooit de enige reden zijn om een kind van zijn familie te scheiden. Het moet juist als een signaal voor de noodzaak van steun aan de familie worden gezien. Het Comité benadrukt dat het ondersteunen van ouders of verzorgers essentieel is om te voorkomen dat kinderen op straat gaan leven. Door dergelijke ondersteuning te bieden worden ook de gezinsherenigingprogramma’s voor kinderen die al op straat leven, versterkt.

Staten dienen ervoor te zorgen dat ieder kind recht heeft op een levensstandaard die toereikend is voor zijn lichamelijke, geestelijke, intellectuele, zedelijke en maatschappelijke ontwikkeling. Zo kan worden voorkomen dat kinderen op straat terechtkomen en kunnen de rechten van kinderen die al op straat leven worden gehandhaafd. Het recht op huisvesting is in het bijzonder van belang voor straatkinderen. Dit wordt door het Comité van Economische, Sociale en Culturele rechten geïnterpreteerd als het recht om ergens in veiligheid, vrede en waardigheid te leven.

 

Gezondheid en onderwijs

Het leven op straat maakt kinderen kwetsbaarder voor fysieke en mentale gezondheidsproblemen. Het Comité benadrukt dat er behoefte is aan gezondheidsvoorzieningen en aan voorlichting over gezondheid, afgestemd op de specifieke behoeften en rechten van straatkinderen. Ook dient er volgens het Comité aandacht te zijn voor de bescherming van straatkinderen tegen betrokkenheid bij drugshandel. Staten dienen ervoor te zorgen dat straatkinderen naar school kunnen gaan en dat hun recht op onderwijs volledig wordt beschermd. Toegankelijk, gratis, veilig en kwalitatief onderwijs is cruciaal om te voorkomen dat kinderen op straat gaan leven.

 

Geweld tegen straatkinderen

Geweld in al zijn vormen is de grootste oorzaak waardoor kinderen op straat eindigen. Ook de straatkinderen zelf geven aan dat geweld hun grootste zorg is. Er zijn dringend specifieke maatregelen nodig om straatkinderen tegen geweld te beschermen. Zie ook General Comments nr. 8 en nr. 13 over het gebruik van geweld tegen kinderen. Straatkinderen zijn bijzonder kwetsbaar voor seksueel misbruik en seksuele uitbuiting. Het facultatieve protocol over de verkoop van kinderen, kinderprostitutie en kinderpornografie is voor deze kinderen extra belangrijk.

Het Comité benadrukt dat straatkinderen ook beschermd dienen te worden tegen economische uitbuiting en schadelijke arbeid. Staten dienen hiertoe maatregelen te nemen die straatkinderen ondersteunen en in staat stellen om onderwijs te volgen. Dergelijke maatregelen dienen volgens het Comité in samenspraak met straatkinderen te worden opgesteld. Ook het facultatieve protocol over gewapende conflicten is van belang voor straatkinderen. Straatkinderen lopen namelijk een groot risico om gedwongen te worden ingelijfd of om te worden opgenomen in een strijdkracht.

 

Jeugdstrafrecht

Straatkinderen hebben een grotere kans om in aanraking te komen met het jeugdstrafrecht. Deze kinderen hebben een kleinere kans om te profiteren van alternatieven voor detentie of herstelrecht. Dat komt doordat zij zich geen borg kunnen veroorloven of geen ouders hebben die voor hen instaan. Het Comité uit zijn zorgen over de toepassing van ‘zero tolerance’ beleid, wat ervoor zorgt dat straatkinderen gecriminaliseerd worden, hetgeen uiteindelijk tot gedwongen institutionalisering leidt. De nadruk in het nationale beleid van Staten dient te liggen op bescherming in plaats van bestraffing.

Kijk hier voor de tekst van General Comment nr. 21.

 

 

Welke General Comments zijn er?

Vanaf 2001 tot aan de dag van vandaag heeft het VN-Kinderrechtencomité 20 General Comments gepubliceerd.