Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelt in een zaak dat het betreffende kind in haar ontwikkeling wordt bedreigd doordat zij niet weet wie haar biologische vader is en de moeder niet bereid of in staat is haar uit eigen beweging, zo nodig met hulp, daarover voor te lichten. Dit is in strijd met artikel 8 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) gewaarborgde recht op eerbiediging van het privéleven en meer in het bijzonder het recht op persoonlijke identiteit, voortvloeit dat een kind recht heeft te weten van wie het afstamt. Dat recht is tevens gewaarborgd in de artikelen 7 en 8 van het International Verdrag voor de Rechten van het Kind (IVRK).

Het belang van het kind vergt naar het oordeel van het Hof dat voorlichting over afkomst door of vanwege de moeder als verzorgende ouder op korte termijn dient plaats te vinden, dat wil zeggen binnen een jaar nadat de wijziging in de situatie heeft plaatsgevonden.

Klik hier voor de uitspraak van Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, d.d. 26 april 2016 (ECLI:NL:GHARL:2016:3385)